Menu
Gedicht insturen

Advertentie

Diep in de put gezien

door Hans Winter

zo groot was haar dorst geworden vragen waar de hare te lessen viel, dieper misschien dan hier de put zich vulde, of hoger op de berg waar zich de wolk versterft, de aarde klankklaar klaterwater verwerft, of anders verder weg zelfs dan het licht de lucht overbrugt, de ogen gesloten gebeden ten vredes stede, naast de burcht, die daar haar sterkte stevig versteend heeft geborgd, de wereldser greep op de geest, dat dan weer wel, wordt ergens ons wensen willens gestild? zo dorst zij als droog het bovenaardse hem gade te slaan, hij die ‘t water nabij dat zelf niet bereiken kon, zo nam zij waar dat deze drager voor haar van stof op zijn stem op doortocht haar aanzei hoe de zijne hem smaakte, zomaar zonder meer op haar gesteld overdadig van gave geweld liever haar laafde, geraden en weg van hem verzadigd verzamelde zij in haar plaatsgenoten, vergeten bleef de kruik van huis, de doodgewone dagelijks benodigde dronken puik uit eigen buitenbron, dat hij binnen te halen was, dat zij gelijk hun van vader op zoon aangedragen samenvragen waar dan met hem de beste wijn, hen ‘t hoogste der oogsten, schonk.

Bekijk ook gedichten over: Bron Evangelie

2

Gerelateerde gedichten

Reacties (2)

ik geef u een stem als waardering voor uwe woorden.vind het echt mooi

Anoniem, 19-07-2012

Ik moest hem een paar keer lezen, maar was gelijk al bevangen door de sfeer van het gedicht. Mooi.

Anoniem, 17-05-2013

Log in of maak een account om te reageren.