Menu
Gedicht insturen

Het bijtende woud

door De onbekende dichter

Ik lig naast jou in bed Mijn vingers nestelen zich In de krullen van jouw zachte stilte Gevangen in een zwarte driehoek Plotseling bloeit er een droom in ons bed Ik zie vreemde handen groeien uit jouw buik Handen die ik niet ken Niet kennen wil Mijn vingers vallen stil Na het horen van heimelijke minnekreten Die reeds eerder op de avond Jouw zachte stilte openspleten De ontmoeting verkromt mijn hand Vingers rukken zich los uit dit bijtende woud Maar breken bij mijn handen af En laten als straf een stompe bout op jouw zwarte driehoek achter Een fabelachtig schepsel met bokkepoten komt stompend op mij stoten Opeens voel ik bevrijdend Hand over hand glijden Jouw handen strelen mij vlug Uit mijn droom terug Ik word wakker en weet Dat een niet verwerkte herinnering In een vloek en een zucht Mijn droom voorafging Je ligt nu weer binnen handbereik Je lichaam ademt luid Jouw zachte stilte zucht Ik zucht en vloek tegelijk Mijn worsteling uit
3

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit gedicht.

Log in of maak een account om te reageren.